mediamultitasken Bureau Jeugd & Media

De rol van ouders en docenten bij tieners die mediamultitasken

Dit is een gastbijdrage van Claudia Dimitriadis, naar aanleiding van haar afstudeeronderzoek aan de UvA (Master Communicatiewetenschappen) over het mediamultitasken van jongeren.

Voor ouders en docenten is een kansrijke rol weggelegd als pubers mediamultitasken. Hieronder legt Claudia uit hoe dat zit, aan de hand van haar onderzoek.

Wat is multitasken?

Multitasking kan worden gezien als bezig zijn met twee of meer activiteiten, waarbij mediamultitasking specifiek betekent dat ten minste een van die activiteiten een media-activiteit moet zijn. Er kunnen twee typen mediamultitasking worden onderscheiden.

  1. Het eerste type bestaat uit twee of meer verschillende soorten media tegelijk. Bijvoorbeeld televisiekijken én bezig zijn op de smartphone.
  2. Het tweede type betreft de combinatie van het uitvoeren van een niet-media-activiteit (zoals huiswerk maken) én een media-activiteit zoals televisiekijken. Mediamultitasking lijkt steeds meer onlosmakelijk verbonden te zijn met schoolactiviteiten (tijdens huiswerk of in de les).

Waarom mediamultitasken pubers?

Pubers. Ze worden ook wel de ‘multitasking experts’ of de ‘multitasking generation’ genoemd. Ongeveer een derde van de tijd die ze aan media besteden, bestaat uit mediamultitasking. Ze staan ermee op en gaan ermee naar bed. Ondertussen worden digitale media ook steeds meer gebruikt in het onderwijs. In 2014 had één op de drie middelbare scholieren in Nederland een laptop of tablet in de klas. Een stijging van een kwart ten opzichte van het voorgaande jaar. Bovendien blijkt uit een onderzoek van het NOS journaal halverwege dit jaar, dat maar liefst 85 procent van de Nederlandse middelbare scholen smartphones gebruikt of toestaat in de les.

Is de optelsom van smartphone starende pubers en de stijgende digitalisering in het onderwijs reden voor paniek? Ouders en docenten maken zich in ieder geval zorgen om het vermogen van leerlingen om zich te kunnen concentreren op hun studie. Zo zou regelmatig mediamultitasken ervoor zorgen dat adolescenten slechter presteren in cognitieve taken, zoals leren en onthouden. Ze zijn sneller afgeleid, hebben moeite om zich te concentreren op een taak en kunnen moeilijker schakelen tussen verschillende opdrachten. Aanleiding genoeg voor een zoektocht naar een antwoord of misschien wel meerdere antwoorden. Ik wilde dan ook weten: hoe kan het dat adolescenten mediamultitasken tijdens schoolactiviteiten, terwijl dit van slechte invloed kan zijn op hun schoolprestaties? Of eigenlijk, door welke factoren wordt dit gedrag beïnvloed? Op basis van eerdere wetenschappelijke studies en mijn eigen masterthesis-onderzoek (survey onder 311 middelbare school leerlingen, medio 2015 uitgevoerd) heb ik een antwoord gevonden.

Ouders en docenten maken het verschil

Het doel van dit onderzoek was om de voorspellers van mediamultitasking tijdens schoolactiviteiten in kaart te brengen. Hierbij is gekeken naar individuele verschillen (leeftijd, motivatie en aandacht voor schoolactiviteiten), sociale omgeving (ouders, docenten en vrienden) en de fysieke omgeving.

De hoofdvraag was: ‘Waarom mediamultitasken adolescenten tijdens schoolactiviteiten?’ Het antwoord zit hem verrassend genoeg vooral in de ‘omgekeerde vraag’: Wanneer mediamultitasken adolescenten niet tijdens schoolactiviteiten? Want wat blijkt? Pubers doen vooral niet aan multitasken tijdens het huiswerk, als hun ouders een mediabeperking opleggen. Hetzelfde geldt voor tijdens de les: leerlingen multitasken vooral dan niet als leraren zeggen dat het niet mag. Wat ouders en docenten doen, doet er dus nogal toe.

Daarnaast blijkt mediamultitasking tijdens schoolactiviteiten voorspeld te worden door motivatie. Als iemand goed gemotiveerd is voor school, mediamultitaskt hij minder. Online vriendencontacten en fomo (fear of missing out) zorgen er juist voor dat een puber vaker gaat mediamultitasken. Dit geldt zowel voor mediamultitasking tijdens huiswerk als tijdens de les. Voor de overige voorspellers is een onderscheid te maken in de context. Bijvoorbeeld tijdens het maken/leren van huiswerk kunnen aandachtsproblemen zorgen voor meer mediamultitasking, maar tijdens de les bleek dit niet.

Praktische tips voor ouders en docenten

Enerzijds toont een groeiend aantal onderzoeken aan dat mediamultitasking een negatieve invloed kan hebben op schoolprestaties, anderzijds worden het onderwijs en de leeromgeving van leerlingen steeds meer gedigitaliseerd. Hoe kunnen we hiermee omgaan? Uit mijn onderzoek blijkt dus dat het gedrag van ouders en docenten sterke voorspellers te zijn om adolescenten minder te laten mediamultitasken tijdens schoolactiviteiten. Tegelijkertijd blijkt uit de Monitor Jeugd en Media, 2015 dat slechts een derde van de ouders aan actieve mediaopvoeding doet (regels omtrent mediagebruik en media inhoud bespreken). Verbazingwekkend, want juist in de een van de meest kwetsbare periodes van een kind, volop in hormonale, cognitieve, sociale en emotionele ontwikkeling, hebben ze begeleiding van hun ouders en docenten nodig (al zullen tieners dit zelf niet snel toegeven).

Een paar tips om digitale media & onderwijs vrienden met elkaar te laten zijn:

  1. Maak kinderen mediawijs. Niet simpelweg verbieden maar bewust en weerbaar maken over hun mediagebruik. Mediawijsheid kan op verschillende manieren worden gestimuleerd. Bijvoorbeeld door met jongeren in gesprek te gaan over het gebruik van digitale media. Wat doen ze? Waarom doen ze dat? Wat doet het met ze? Lopen ze ergens tegenaan als ze bijvoorbeeld social media gebruiken tijdens schoolactiviteiten? Met het creëren van mediawijsheid kunnen kinderen leren hoe ze met de toename van mediaprikkels kunnen omgaan tijdens schoolactiviteiten.
  2. Leer pubers begrijpen hoe hun hersenen werken als het aankomt op mediamultitasking tijdens schoolactiviteiten. Het gelijktijdig uitvoeren van verschillende taken kan er op langere termijn namelijk voor zorgen dat ze zich slechter kunnen concentreren en minder goed informatie kunnen verwerken. Bovendien zorgt mediamultitasking ervoor dat pubers meer tijd kwijt zijn aan hun huiswerk als ze tussendoor appen dan wanneer ze zich bijvoorbeeld eerst focussen op hun huiswerk en pas daarna gaan appen. In dit filmpje wordt het eenvoudig uitgelegd.
  3. Ouders en docenten kunnen pubers helpen hun tijd goed in te delen en te plannen. Hoe volwassen ze weleens lijken, ze zijn het nog niet. Puberhersens vinden het lastig om vooruit te plannen en denken vooral aan plezier op de korte termijn. Er kunnen bijvoorbeeld afspraken worden gemaakt over het inleveren van een telefoon tijdens het maken van huiswerk. Eerst werken, dan spelen.
  4. Specifiek voor scholen kan het interessant zijn om een gastspreker in te schakelen die zowel leerlingen als ouders meer uitleg kan geven over de kansen en bedreigingen van digitale media en hoe jongeren daar op een verstandige manier mee om kunnen gaan.
  5. Uiteraard blijft het altijd belangrijk om naar een individu zelf te kijken. Het kan iemand die aandachtsproblemen heeft bijvoorbeeld helpen als hij begeleiding krijgt tijdens het maken van huiswerk. Een ouder kan er bijvoorbeeld bij gaan zitten, zodat ze samen kunnen sparren over het huiswerk en de ouder mogelijke afleiders kan wegnemen. Daarnaast is het bij een gedemotiveerde scholier belangrijk om te weten waar het gebrek aan motivatie vandaan komt. Probeer dit onbevooroordeeld met hem te bespreken en kijk samen naar mogelijke oplossingen.

 

Over Claudia Dimitriadis

Als pas afgestudeerde aan de Universiteit van Amsterdam heb ik onder andere verdieping gevonden in mediamultitasking en cyberpesten in de levens van adolescenten. Ook heb ik onderzoek gedaan naar de gebruikersmotivatie voor een educatieve app onder basisschoolleerlingen. Momenteel werk ik als interviewer mee aan een Europees onderzoeksproject naar digitaal mediagebruik in gezinnen met jonge kinderen. Ik heb de Master Communicatiewetenschap met de focus op Jeugd en media met veel plezier gedaan. Tijdens mijn studie ben ik moeder geworden, wat de periode dynamischer, uitdagender maar ook levendiger maakte. Voordat ik de studie begon heb ik ongeveer vijf jaar communicatie/webredactie gedaan. Mijn passie ligt bij schrijven. Overtuigend, inspirerend of informerend. En bij jongeren: wat beweegt ze, hoe kunnen ze worden wie ze willen zijn? Hoe kan (media)opvoeding daaraan bijdragen?

Over het onderzoek

De online vragenlijst is april/mei 2015 afgenomen op een middelbare school in Nederland. In totaal deden 311 leerlingen van 12 t/m 17 jaar aan het onderzoek mee, waaronder 54% jongens, 46% meisjes. De respondenten komen van verschillende opleidingsniveaus (vmbo 77,5%, havo en vwo 22,5%). Wilt u meer weten over het onderzoek? U kunt mij mailen via: claudia.dimitriadis@hotmail.nl

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Gepubliceerd op: 14 november 2015
Gepubliceerd door: Gastblogger