programmeren in de klas

Programmeren in de klas: hoe gaat het in de UK?

Kennisnet heeft een rapport geschreven met lessen van de Britten. Het vak ‘computing’ – waarvan programmeren onderdeel is – is in een jaar tijd behoorlijk ingeburgerd in het Engelse curriculum, ondanks de schaal en complexiteit van deze operatie. “Er is brede overeenstemming dat het nieuwe computing curriculum een grote verbetering is ten opzichte van het vroegere ict-onderwijs,” concludeert een recent rapport van de University Alliance, om daar meteen aan toe te voegen dat dit grove, algemene beeld moet worden genuanceerd. ‘Veel blijkt af te hangen van de houding van de schoolleiding en van de competentie van de individuele docenten. Hoe diep computing is ingebed, varieert enorm, van school tot school.”

De problemen

Wat we zien is dat er in grove lijnen veel is bereikt, maar dat er op detailniveau ook nog veel schort aan de Britse aanpak. De volgende problemen worden geconstateerd.

Probleem 1: Een derde van docenten durft geen ‘computing’ te geven

De kernfactor in het welslagen van dit nieuwe curriculum is de docent, zo onderschrijven de meeste betrokkenen. Als docenten niet goed opgeleid zijn, kunnen ze de lessen niet of nauwelijks geven. Gebrek aan zelfvertrouwen is funest bij dit nieuwe computing-vak, ook al omdat het een vak is waarin sommige – maar niet alle – leerlingen veel meer weten en kunnen dan hun docenten.

Probleem 2: Er is te weinig training en ondersteuning

Te weinig zelfvertrouwen in de eigen kennis en vaardigheden over het vak computing wordt veroorzaakt door een gebrek aan training en ondersteuning, zo is het algemene idee. Dat blijkt inderdaad uit de opleidingscijfers voor computer science van het Britse Department for Education uit 2015.

Probleem 3: Er is gebrek aan duidelijkheid

Het oorspronkelijke curriculum is te beknopt: in het bijbehorende document staat niet hoe de leraren les moeten geven. Je vindt er alleen een serie opdrachten waarmee scholen hun lesprogramma moeten opzetten. Daarop worden ze ook beoordeeld bij de inspectie. Maar het is een vaag document, je kunt er van alles in lezen en je kunt het op meerdere manieren interpreteren.

Een verwant probleem is dat er al snel veranderingen plaatsvonden in het curriculum, vooral in het secundaire onderwijs. Hierdoor moesten syllabi worden aangepast en dat leidde tot verwarring bij docenten en leerlingen.

Leerlingen positief over computing-onderwijs

Een derde van de docenten is nog niet overtuigd van het nut van computing-onderwijs, maar de leerlingen zijn dat zeker wel: 85 procent van de respondenten geeft aan dat hun leerlingen positief hebben gereageerd op het nieuwe computing-curriculum. En slechts 1% van deze leerlingen reageerde negatief en 14 % bleek neutraal.

Kennisnet

Een half jaar geleden nam Kennisnet het Britse computingonderwijs al onder de loep. Lees ook het eerste rapport van Kennisnet: ‘Computing-onderwijs in de praktijk – wat kunnen we leren van de Britten?’. Daarin staat al veel over de ervaringen van de Britten bij de implementatie van digitale vaardigheden, in het bijzonder computational thinking.

Het nieuwe rapport – Computing at school – een jaar na de invoering – is hier te lezen.

Bron: Kennisnet

Tip:

Overweegt u ook lessen ‘computational thinking’ of beginnend programmeren in te voeren op uw school? Boek dan onze workshop Proeven aan programmeren. Niet alleen voor beleidsmakers, maar juist ook voor leerkrachten. Leer van de ervaring van anderen en zet uw eigen denken op scherp. Voor meer informatie: mail naar info@bureaujeugdenmedia.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Gepubliceerd op: 28 augustus 2016
Gepubliceerd door: Justine Pardoen