Samen de online wereld verkennen, Niels Baas, Pica 2015.

Als je dochter (8 jr) vrienden wil worden met ‘Henk’ uit Groningen

Collega-spreker Niels Baas vroeg mij enige tijd geleden of ik een stukje wilde schrijven voor zijn boek ‘Samen online de wereld verkennen’. Niels vergelijkt het begeleiden van kinderen in de online wereld met het maken van een gezamenlijk reis: “Je kunt nooit alles van tevoren weten en dat hoeft ook niet: je bereidt je voor, maar pas daar weet je hoe het er is. Terwijl de kinderen al in het zwembad liggen en vriendjes aan het maken zijn, ontdek je de omgeving. Je vraagt soms de weg en leert door vallen en opstaan. Daar bedenk je welk gedrag gepast is binnen de cultuur, terwijl je vertrouwt op wat goed voelt en hoe je het normaal gesproken zou doen. En wanneer je ’s avonds aan tafel ervaringen deelt met de kinderen, zou het zo maar kunnen dat ze je verbazen met alles wat ze al geleerd hebben”.

Ik ben er trots op dat ik een bijdrage heb mogen leveren aan dit boek wat een mooie reisgids is geworden. Het biedt veel inzichten, tips en oefeningen voor op school en thuis. Het boek is vanaf vandaag verkrijgbaar en ik mag een sneak preview geven met het delen van mijn verhaal.

Een jaar of acht was ze toen ze de keuken binnenliep met de vraag “Mam, wie is bij ons thuis eigenlijk de baas?” Zonder het antwoord af te wachten, vervolgde ze: “Iemand op Eccky vraagt me dat, maar ik weet het niet zo goed wat ik moet zeggen. Jij en papa zijn dat samen toch? Maar ik soms ook, dus wat zeg ik dan?” Ze had mijn volle aandacht. Ik was razend benieuwd naar het gesprek waarin deze vraag naar boven was geborreld en schoof samen met haar achter de computer. De persoon in kwestie had nog meer vragen op haar afgevuurd, zag ik. En had duidelijk niet veel geduld voor het tempo waarin mijn dochter, dyslectisch, de antwoorden terugtypte (“hallooooo, ben je daar nog????!”).

Ik wist meteen dat dit geen leeftijdsgenootje was. Het gesprek was onschuldig begonnen met elkaar gedag zeggen, complimentjes maken over het uiterlijk en informeren naar elkaars lievelingsdier en kleur. Maar het werd al snel persoonlijk. Hoe oud ze was, waar ze woonde, in welke klas ze zat en op welke school dan? Terwijl ik naar het beeldscherm zat te staren, verscheen de vraag of ze wist hoe ze de webcam aan moest zetten en of ze weleens een piemel had gezien. Mijn dochter was nog druk bezig om het antwoord te typen op de vraag wie de baas in huis was, maar verzuchtte bij het zien van de binnenstromende nieuwe vragen… “Nou eh, hier heb ik geen zin meer in hoor”, en typte zonder de vragen verder te lezen haar afscheidswoorden: “Doei ik ga”.

Terwijl ze daad bij woord voegde, leek ze mijn gedachten te lezen en verzekerde me: “Ik heb niets over mezelf verteld hoor, mam”. Op mijn vraag wat ze dan deed als ze die vragen toch kreeg, deed ze haar strategie uit de doeken: ze verdraaide de werkelijkheid een beetje. Dan kwam ze toch de afspraak met mij na om geen persoonlijke gegevens te delen, maar hoefde ze niet te zeggen dat ze geen antwoord wilde geven. Ze was dus een jaar ouder, zat op en nabijgelegen school, husselde de nummers van het telefoonnummer door elkaar en gaf gewoon een ander huisnummer op. Dat ze daarmee toch best veel over zichzelf vertelde was ze niet met me eens… “In onze straat staan heel veel huizen”.

Twee weken later ontving ik in mijn mail een notificatie van Hyves. Het was een vriendenverzoek van ene Henk* uit Groningen* aan mijn jongste dochter. Aangezien Groningen voor ons niet naast de deur is, zocht ik Henk op Hyves op. Het bleek een 40-jarige man te zijn met veel jonge meisjes als vriend. Op zijn pagina waren diverse berichten te lezen van meisjes die nieuwsgierig waren waarom hij vrienden met hen wilde zijn en of ze hem misschien kenden. Bij het aanmaken van een Hyves-pagina hadden we met onze dochters de afspraak gemaakt dat je alleen mensen die je ook echt kent als vriend toevoegt. Een mooie testcase dus! Ik checkte het terloops ’s avonds aan tafel. Mijn dochter reageerde stellig: “Henk uit Groningen?! Ik ken helemaal niemand uit Groningen. Nou, die ga ik mooi niet accepteren!” De volgende dag riep ze me echter vanachter de computer toe dat ze Henk tóch had geaccepteerd. Want, zo vertelde ze, het bleek dat ze hem toch wél kende! Hij was namelijk Pietjepuk534* op Eccky en laat dat nou diegene zijn met wie ze al 4 keer had geskied…

Het bracht me een inzicht waardoor ik anders met mijn kinderen over internet ben gaan praten. Als je ze weerbaar wilt maken voor online risico’s, moet je je verplaatsen in hun belevingswereld. Die is heel anders dan die van ons volwassenen. Voor hen is er weinig verschil tussen offline en online contact. Samen spelen, samen delen… dat doe je óók online. Soms zelfs intenser dan met vrienden die je ‘in het echt kent’.

*de (plaats)namen zijn fictief

Bron:

Baas, N. (2015). Samen online de wereld verkennen: een reisgids voor in de klas en thuis. Huizen: uitgeverij Pica. ISBN 9789491806353, € 26,95

 

 

 

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Gepubliceerd op: 12 september 2015
Gepubliceerd door: Solange Jacobsen